Waar moet je op letten als je een accordeon wilt aanschaffen? Op welk type accordeon kunnen kinderen leren spelen en wat zijn hoog aangeschreven merken? Op deze pagina geef ik informatie die je kan helpen om gemakkelijker de knoop door te hakken bij de aankoop van een instrument. Goed om te weten: de digitale- en knopaccordeon wordt hier niet apart behandeld.
De volgende aandachtspunten kunnen je helpen bij het nemen van je beslissing.
Italiaanse accordeons gelden wereldwijd als de absolute top dankzij hun superieure kwaliteit en prachtige afwerking. Vakmanschap uit steden als Stradella en Castelfidardo heeft wel een prijs: ze zijn duurder dan Duitse, Oost-Europese of Chinese alternatieven. Hoewel Chinese instrumenten vroeger te boek stonden als matig, zijn ze bezig met een flinke inhaalslag. Toch blijft het oppassen, want de klank en het mechaniek van deze budgetopties verschillen sterk per instrument. Voor de echte liefhebber gaat er nog altijd niets boven Italiaans vakmanschap. Dit artikel sluit af met een kort merkenoverzicht. Meer informatie en ervaringen zijn te vinden op verschillende internetfora.
Kinderinstrumenten zijn al verkrijgbaar vanaf 8 bassen, Deze kleine instrumenten hebben, afhankelijk van het merk, 22 tot 26 - vaak smalle - toetsen wat ideaal is voor de allerkleinste beginners. Kleine instrumenten met 30 of 32 toetsen komen ook voor.
De omvang van het klavier hangt samen met het toonbereik. Zoek je een accordeon die langer mee kan? Dan is een model met 48 bassen een slimme keuze. Vanwege het lichte gewicht spelen zelfs sommige volwassenen hier graag op, al lever je door het compacte klavier wel wat toonbereik in. Een 48-bas instrumentje dat is qua omvang namelijk vergelijkbaar met een echt kinderinstrument. De breedte van de toetsen is hierbij wel van een gangbare mensuur.
Voor het gebruikelijke amateurrepertoire zijn instrumenten met 72 of 96 bassen de perfecte allrounders. Met 96 bassen heb je bovendien vrijwel geen beperkingen meer in de toonomvang bij de toetsen: 34 tot 37. De grootste uit de familie is de 120 bas met 41 toetsen.
Registers van een accordeon werken als de klankregelaars van het instrument. Je kunt ze het beste vergelijken met de registers van een kerkorgel of de knoppen op een synthesizer: ze veranderen de klankkleur en de hoogte (het octaaf) van de tonen die je speelt. Binnenin de accordeon zitten metalen tongen die gaan trillen als er lucht langs stroomt.
Deze tongen zijn verdeeld over verschillende koren (rijen). Door op een registerknop te drukken, open of sluit je de schuiven naar deze koren. Hierdoor bepaal je welke rijen tongen er wél en welke er niet mogen meetrillen als je een toets indrukt.
Hieronder ga ik wat dieper in op registers met 3 en 4 koren, musettestemming en dubbeloctaafstemming, basregisters en melodiebassen.
De registers voor de melodiekant worden als volgt weergegeven:
16 voet, 8 voet, 8+8 voet, 4 voet
Bij de kleine instrumenten (48/60 bas) is er meestal niet veel keuze met de volgende standaard:
De meest betaalbare, iets uitgebreidere accordeon is die met drie koren, vaak in combinatie met 72 bassen. Dat resulteert in de volgende registers:
De onderstaande symbolen horen bij een 4-korig instrument met musette-stemming. De functie van de driekorige musette (aangeduid door de drie horizontale stippen) is vergelijkbaar met die van de tweekorige variant. Alle aansprekende tongen bevinden zich in hetzelfde octaaf. Doordat de drie gelijktijdig klinkende tongen onderling licht zwevend zijn gestemd, ontstaat het karakteristieke musette-effect.
Deze stemming is bij uitstek geschikt voor Franse musette en het Amsterdamse levenslied. Voor overige genres, zoals klassieke muziek, pop, jazz en Balkan/klezmer, is deze optie doorgaans minder geschikt. Een dubbeloctaafstemming geniet dan de voorkeur.
In dat laatste geval kun je dus beter kiezen voor een vierkorig instrument met een dubbeloctaafstemming. Hierbij is er een extra octaaf aan de bovenkant toegevoegd, waardoor er in het midden nog maar twee tongen overblijven. Hierdoor klinken alle registers anders.
Hoewel instrumenten met deze stemming een stuk duurder zijn, zijn ze wel ideaal voor bijvoorbeeld klassieke en Oost-Europese muziek. De grotere modellen zijn bovendien uitgerust met twee tot wel zeven basregisters.
Naast de twee genoemde opties bestaat er een derde alternatief: de vijfkorige accordeon. Dit type biedt zeer veel registratiemogelijkheden (meer variaties zijn hier mogelijk), met als keerzijde dat het instrument erg zwaar is.
S.B. stradella bas
Het meest gebruikte bassysteem op een accordeon is het Stradella-bassysteem, MII, oftewel standaardbas. Dit systeem is zo ontworpen dat je met één druk op de knop een compleet akkoord speelt. De knoppen zijn logisch geordend in een schuin gridsysteem van rijen en kolommen. Dankzij dit systeem van bastonen en akkoorden begeleid je heel eenvoudig liedjes en speel je simpele stukken.
B.B. bariton bas
Het bariton-bassysteem, ook bekend als MIII, melodiebas, solo-bas, Bassi Sciolti (B.S.) of Free Bass, kenmerkt zich door het ontbreken van vaste akkoordknoppen. Aangezien iedere knop slechts één noot voortbrengt, functioneert de linkerkant als een volwaardig melodie-instrument. Dit maakt het instrument polyfoon en zorgt ervoor dat de linker- en rechterhand - anders dan bij de standaardbas - een gelijkwaardige melodische rol vervullen. De registers geven aan in welk octaaf (of welke octaven) je speelt.
Voor de ambitieuze en gevorderde accordeonist biedt een accordeon met convertor de ideale oplossing. Via een grote schakelaar wordt het standaardbasmechaniek volledig ontkoppeld om zo ruimte te maken voor de melodiebassen. Deze zijn van buiten naar binnen chromatisch gerangschikt. In combinatie met een cassotto (zie volgende punt) ontstaat een professioneel instrument, waarvan het kwaliteitsniveau hoofdzakelijk nog wordt bepaald door het materiaalgebruik en de afwerking van de (al dan niet handgemaakte) tongen.
Een cassotto of klankkamer maakt het geluid warmer en minder fel, omdat de geluidsgolven via een omweg naar buiten stromen. Hierdoor worden de boventonen iets gedempt. Twee belangrijke nadelen: deze optie maakt het instrument een stuk zwaarder én er hangt een flink prijskaartje aan.
Met melodiebassen en cassotto kun je direct het podium van het Concertgebouw betreden! (wel nog even oefenen …)
Er zijn vele soorten accordeons op de markt die sterk in kwaliteit variëren. Ik heb het aanbod van accordeons verdeeld in drie kwaliteitsklassen, van A tot C. Hieronder leg ik uit wat naar mijn oordeel goede en minder goede instrumenten zijn.
Ik heb, in de meer dan 50 jaar waarin ik speel, al veel instrumenten gehad. Ooit gestart op de muziekschool met een merkloos exemplaar van de leraar. Vervolgens was het altijd Italiaans wat de klok sloeg: Hohner Morino VI, Pigini Sirius Bayan, Guerrini, Scandalli Super VI, Victoria, Ballone Burini, altijd met cassotto en vaak ook met melodiebassen. Dat laatste is dan ook noodzakelijk voor een hoofdvakstudie accordeon aan het conservatorium. De meest recente aanschaf was wederom Victoria, waarmee je mij op diverse albums kunt beluisteren en op het podium, samen met de collega’s van de Amsterdam Klezmer Band, kunt zien spelen.
Voor de absolute beginner is een instrument uit de B-klasse de slimste keuze dankzij de uitstekende prijs-kwaliteitverhouding. Je profiteert hiermee van een soepele balg, een degelijk mechaniek en een aangenamere, minder schelle klank. Wie daarentegen kiest voor de A-klasse - zeker bij een jonger model - kiest voor kwaliteit en zekerheid. Deze instrumenten blinken uit in bouwkwaliteit en superieure stemtongen. Houd er bij nieuwe exemplaren wel rekening mee dat dit handwerk is, wat vaak zorgt voor een langere levertijd.
Af te raden zijn instrumenten uit de C-klasse. Goedkope - Chinese - accordeons (zoals Startone of merkloze varianten) zijn door hun lage prijs aantrekkelijk voor beginners, maar brengen risico's met zich mee op drie vlakken:
Tot slot, oefenen op een instrument dat je muzikale groei belemmert, werkt ontzettend demotiverend.
| A-klasse | B-Klasse | C-Klasse |
|---|---|---|
| Ballone Burini | Delicia | Aidi |
| Beltuna | Hohner (de eenvoudige) | Baile |
| Borsini | Walther | Blessing |
| Brandoni | Weltmeister | Golden Ton |
| Bugari Armando | Honica | HSINGHAI |
| Dallape | J. Meister | |
| Dino Baffetti | Janelli | |
| Excelsior (niet de Chinese) | Maxtone | |
| Guerrini | Musette | |
| Hohner (Gola en Morino) | Paganini | |
| Mengascini | Paoloni | |
| Moreschi | Parrot | |
| Pigini | Pulcini | |
| Scandalli | Salvatore | |
| Serenellini (NIET Serenelli) | Serenelli (NIET Serenellini) | |
| Thomann (eigen merk, uit Italië) | Soprani | |
| Victoria | Startone | |
| Weltmeister (na 1989, het dure segment) | Stella | |
| Zero Sette | Tosca |
Er zijn op internet verkopers actief die het niet zo nauw nemen met de service. Als je er echt verstand van hebt, kun je daar prima een gokje wagen. Zo niet, dan is een gespecialiseerde muziekwinkel een veel veiligere keuze.
Wil je checken met wie je te maken hebt? Klik dan even op 'bekijk alle advertenties van deze verkoper' om te zien of het om een handelaar gaat. Omdat ik zelf geen enkel belang hierbij heb, help ik je graag op weg als je nog vragen hebt!
Koop dus nooit een instrument zonder er eerst zelf op te spelen. Je merkt dan snel het verschil in kwaliteit tussen de verschillende categorieën.